Verantwoording

De lessenserie
Het thema van deze lessenreeks is zelfbeeld en sluit aan bij de levensvragen: “Hoe kom ik tot een oordeel?” en “Wat kom ik hier doen?” (Kopmels, 2020). De lessen zijn zo opgezet dat leerlingen er zelfstandig mee aan de slag kunnen.
In de eerste les denken leerlingen na over hun eigen zelfbeeld en over wie of wat hier invloed op heeft. In het tweede deel reflecteren zij met teamgenoten. Er zijn hierbij geen goede of foute antwoorden; het doel is dat leerlingen hierover nadenken en een eigen mening vormen.
Tijdens de tweede les staat het nadenken over echte en AI beelden en staat de invloed van media op het zelfbeeld centraal. Daarna gaan ze hun eigen zelfbeeld mogelijk heroverwegen en een advertentie schrijven van iemand met een positief zelfbeeld.
In de derde les verdiepen leerlingen zich in positieve kwaliteiten en hoe ze die bij elkaar herkennen of vinden passen. De leerlingen bespreken stellingen en beargumenteren deze. Ook maken de leerlingen een reflectie om later de les te evalueren.
Omdat leerlingen zelfstandig aan de lessen werken, neemt de leerkracht voornamelijk de rol van observator en begeleider op zich.

De verantwoording
Dit thema is gekozen omdat het sterk leeft binnen de klas. (Sociale) media nemen een grote plaats in het dagelijks leven van de leerlingen in. Zij volgen veel influencers en ervaren moeite met het onderscheiden van nepnieuws en betrouwbare informatie. Naar aanleiding van een incident, waarbij het zelfbeeld van een leerling aangetast is er extra aandacht ontstaan en bleken er meerdere leerlingen in de groep aanwezig te zijn met een negatief zelfbeeld. De keuze voor dit thema is gemaakt aan de hand van de criteria zoals beschreven in Levensbeschouwelijk ontwikkelen (Schepper, 2015).
Het thema is aansprekend en concreet, en de opgedane kennis is direct toepasbaar in de praktijk. Leerlingen worden gestimuleerd om na te denken over hun eigen standpunten en een mening te vormen, waarbij er geen sprake is van goed of fout. Het doel is dat leerlingen reflecteren en met elkaar in gesprek gaan. Zij leren argumenten onderbouwen, luisteren naar de standpunten van anderen en hier opnieuw kritisch over na te denken: wat vinden zij van de argumenten van een ander en hoe verhouden deze zich tot hun eigen visie? Bronnen kunnen worden geraadpleegd ter ondersteuning. De opdrachten zijn zo ontworpen dat zij uitdagend en interessant zijn en het denkproces van de leerlingen stimuleren.
Het is van belang dat dit thema de leerkracht aanspreekt. Daarnaast moet het pedagogisch klimaat in de klas ondersteunend zijn en geen belemmering vormen voor het behandelen van dit onderwerp. Leerlingen moeten zich veilig voelen om hun mening te delen en het gesprek met elkaar aan te gaan.
De vragen die de leerkracht stelt, dienen als hulpmiddel tijdens de lessen en vormen geen afvinklijst. Ter voorbereiding kan de leerkracht zichzelf onder andere de volgende vragen stellen:
-
Welke gevoelens roept het bij jou op wanneer je (sociale) media gebruikt?
(het betrekken van eigen ervaringen bij het thema) -
Hoe zou het zijn als in de media alleen de waarheid wordt weergegeven?
(verdieping) -
Hoe zou je leven eruitzien als (sociale) media niet zouden bestaan? Heb je ze echt nodig?
(toevoegen van een nieuwe invalshoek)
Als leerkracht is het belangrijk om ruimte te bieden voor een open gesprek wanneer blijkt dat leerlingen zorgen hebben rondom dit onderwerp. Voor sommige leerlingen is (sociale) media een vorm van ontspanning, terwijl anderen juist negatieve ervaringen hebben opgedaan. Wanneer hier behoefte aan is, is het essentieel om hier samen met de leerlingen bij stil te staan en het gesprek aan te gaan.

Levensbeschouwelijke ontwikkeling
Deze webquest is ontwikkeld voor de bovenbouw (groep 7 en 8).
Daarnaast is de webquest ook inzetbaar in de middenbouw (groep 4, 5 en 6). Leerlingen in deze leeftijdsfase bevinden zich in de mythisch-letterlijke fase. Zij krijgen steeds meer oog voor anderen en hun inlevingsvermogen ontwikkelt zich verder. Binnen deze fase ontstaat ruimte voor het herkennen en accepteren van andere meningen.
Leerlingen in de bovenbouw bevinden zich in de synthetisch-conventionele fase. Zij zijn in staat om op een abstracter niveau met elkaar in gesprek te gaan. Ze begrijpen dat er regels bestaan, maar zien ook dat deze bespreekbaar zijn. Er is ruimte voor discussie over regels en over de betekenis van waarden zoals gelijkheid, eerlijkheid, rechtvaardigheid en vrijheid. Leerlingen denken steeds abstracter en logischer, kunnen perspectief innemen en een vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken bekijken (De Schepper, 2015).
Er is bewust voor gekozen om deze les in groep 8 aan te bieden, zodat een goed beeld ontstaat van de levensbeschouwelijke ontwikkelingsfase van de groep en de verschillen in niveau binnen deze fase. Doordat leerlingen vraagstukken vanuit verschillende perspectieven benaderen, kunnen waardevolle en verdiepende discussies ontstaan.
Iedere leerling kan op zijn of haar eigen niveau aan de slag met de opdracht. De groepjes kunnen willekeurig worden samengesteld, zonder rekening te houden met het vaardigheidsniveau. Dit biedt de leerkracht inzicht in de verschillende ontwikkelingsniveaus van de leerlingen. Leerlingen worden gestimuleerd om op hun eigen manier en vanuit hun persoonlijke ontwikkeling en ervaringen dieper na te denken over het thema.
Levensbeschouwelijke basisvaardigheden
In deze webquest komen de volgende basisvaardigheden, zoals beschreven door Jef de Schepper (2015), aan bod:
Waarnemen
Leerlingen kijken en luisteren zintuiglijk naar vooraf geselecteerde informatiebronnen. Zij verkennen de wereld om hen heen en doen bredere ervaringen op. De informatiebronnen bestaan uit filmpjes, foto’s en een verhaal. Dit verhaal draagt bij aan het ervaren van de innerlijke wereld van mensen en helpt leerlingen om zich te verplaatsen in anderen.
Verwonderen
Leerlingen hebben in eerste instantie vaak de gedachte dat media voornamelijk bedoeld zijn om te informeren. Wanneer de context verandert en blijkt dat dingen niet altijd zijn wat ze lijken, ontstaat verwondering. De lessen roepen vragen op die leiden tot persoonlijke antwoorden en inzichten. Leerlingen spreken vanuit hun eigen ervaringen en ontdekken dat er meerdere perspectieven en meningen mogelijk zijn. De webquest stimuleert hen om na te denken over alledaagse zaken die eerder vanzelfsprekend leken.
Verbeelden
In les 1 leven leerlingen zich in een ander in en vragen zij zich af wat zij zouden doen wanneer zij het personage uit het verhaal zouden zijn. Dit helpt hen bij het vormen van een eigen mening over het thema en doet een beroep op hun verbeeldingsvermogen.
Redeneren
Leerlingen bekijken de informatiebronnen kritisch en vormen op basis daarvan een eigen mening. In les 1 redeneren zij over wie of wat invloed heeft op het zelfbeeld en onderbouwen zij hun standpunt met argumenten. In les 2 zoeken zij argumenten die passen bij echt of AI beelden en het effect daarvan op het zelfbeeld. Door hierover in gesprek te gaan leren zij kritisch te reflecteren op de argumenten van anderen.
In les 3 redeneren leerlingen waarom inzicht in kwaliteiten een positief effect heeft op het zelfbeeld. Daarbij reflecteren zij zowel op hun eigen argumenten als op die van anderen.
Communiceren
Leerlingen leren hun mening te vormen en deze onder woorden te brengen. Zij delen hun ideeën met anderen en oefenen in het luisteren naar verschillende standpunten. Zowel het rationele als het emotionele aspect komt hierbij aan bod. Leerlingen denken na over waarom iemand een andere mening kan hebben en beseffen dat meningen niet direct goed of fout zijn. Zij leren communiceren met zowel hoofd als hart. In alle lessen wordt gewerkt met perspectiefwisseling op cognitief en affectief niveau: leerlingen leren zich te verplaatsen in het standpunt van een ander en hun eigen standpunt van daaruit opnieuw te bekijken.
Verbondenheid
Leerlingen delen ervaringen en argumenten die bijdragen aan een gevoel van verbondenheid. Zij ervaren dat meerdere leerlingen vergelijkbare gevoelens kunnen hebben bij een onderwerp. Hierdoor zien zij zichzelf als onderdeel van een groter geheel en ontwikkelen zij een gevoel van verantwoordelijkheid. Leerlingen leren dat het plaatsen van berichten op (sociale) media invloed kan hebben op anderen en dat dit verantwoordelijkheid met zich meebrengt voor de afzender. Dit bewustzijn vormt een belangrijke basis voor een authentieke levensbeschouwing. Daarnaast leren leerlingen kritisch om te gaan met het klakkeloos overnemen van meningen uit de media en hebben ze inzicht in wat dit kan doen met je zelfbeeld.
Vertrouwen
Leerlingen ontwikkelen het vermogen om met een kritische blik naar informatiebronnen en mediaberichten te kijken. Dit versterkt het vertrouwen in hun eigen kunnen om hiermee om te gaan. Hun kijk op het leven en hun zelfbeeld worden positief beïnvloed. Er is aandacht voor een evenwicht tussen realisme en optimisme, met ruimte voor toekomstdromen. Leerlingen denken bewust na over hoe zij in de toekomst met mediaberichten willen omgaan en leren deze niet één-op-één over te nemen.

Verantwoording domeinen
In deze webquest komen de volgende domeinen, zoals beschreven door Jef de Schepper (2015), aan bod:
Domein 2: De ander
Leerlingen denken na over verschillende meningen en perspectieven. Zij verplaatsen zich in anderen en leren begrijpen dat niet iedereen hetzelfde denkt. Leerlingen geven elkaar ruimte om een eigen mening te uiten en ontwikkelen respect voor uiteenlopende standpunten.
Domein 5: Ik
Leerlingen worden gestimuleerd om naar zichzelf te kijken en te reflecteren op hun eigen gedachten en gevoelens. Vragen als Wat is mijn mening?, Wat doet dit met mij?, Wat vind ik belangrijk? en Hoe ga ik hiermee om? staan centraal. Daarnaast denken leerlingen na over wat zij hebben geleerd en welke gevoelens het onderwerp bij hen oproept.

Kerndoelen
De kerndoelen van het primair onderwijs (SLO, 2006) komen op verschillende manieren terug in deze webquest:
Kerndoel 34
Leerlingen leren zorg te dragen voor hun eigen lichamelijke en psychische gezondheid en die van anderen. Zij leren zich in te leven in anderen, open te staan voor verschillende meningen en hier respectvol mee om te gaan.
Kerndoel 35
Leerlingen leren zich sociaal redzaam te gedragen, onder andere als consument. Zij ontwikkelen inzicht in hoe zij omgaan met berichten van anderen en welk effect deze berichten kunnen hebben op henzelf en op anderen.
Kerndoel 37
Leerlingen leren te handelen vanuit respect voor algemeen aanvaarde normen en waarden. Zij leren de normen en waarden van anderen te begrijpen en deze te respecteren. Daarbij ervaren zij dat ieders mening ertoe doet, ook wanneer deze verschilt van de eigen opvatting.
Daarnaast dragen de lessen bij aan de ontwikkeling van mediawijsheid en sluiten zij aan bij de volgende leerlijnen (fase 3):
-
Bewustzijn van de medialisering van de samenleving
-
Kennis van de verschillende functies van media
-
Inzicht in de invloed van media op de werkelijkheid
-
Veilig omgaan met media en sociale netwerken
-
Reflectie op het eigen mediagebruik

Beoordeling
Bij de beoordeling is bewust gekozen voor een positieve benadering. Bij het ontwikkelen van een mening is er immers geen sprake van goed of fout. Leerlingen die de lessen hebben doorlopen, behalen in principe al een voldoende. De mate waarin leerlingen actief deelnemen, bepaalt de hoogte van de beoordeling. Dit voorkomt dat leerlingen het werk volledig door anderen laten uitvoeren.
Het vormen en onderbouwen van een eigen mening, het geven van ruimte aan en luisteren naar de mening van anderen en zelfreflectie vormen de kern van de beoordeling. Voor leerlingen die onzeker zijn over wat er van hen verwacht wordt, kan het beoordelingsschema ondersteuning en houvast bieden. De beoordeling is daarmee voornamelijk gebaseerd op inzet en het leerproces.

Werkvormen en lesopbouw.
les 1:
Hoe zie jij jezelf? Wie of wat heeft invloed gehad op hoe jij over jezelf denkt? Je gaat aan de slag met het maken van een mindmap over jouw zelfbeeld. Tevens voer je discussie met je teamgenoten. Zien jullie elkaar op dezelfde manier? Zien jullie het anders? Hoe komt dit? Bij elke les leg je als klaartaak je leesboek op tafel. Zo kan iedereen in zijn eigen tempo werken en hoor je aan de hand van de timer wanneer we verder gaan.
Werkvorm: Klassikaal, zelfstandig en samen.
Les 2:
Wat je op social media ziet, is niet altijd echt. Kunnen wij echt en AI onderscheiden?
Zou jij jezelf veranderen voor social media?
En denk je dat mensen online altijd gelukkig zijn?
Durf je opnieuw in de spiegel te kijken? Is je zelfbeeld inmiddels verandert? Hoe komt dit?
De leerlingen maken hun eigen zelfbeeld aan de hand van een pop op een werkblad. Hierbij kijken ze naar hun zelfbeeld door antwoord te geven op de vragen. Tevens maken ze een advertentie waarin een positief zelfbeeld naar voren komt.
werkvorm: Klassikaal en zelfstandig.
les 3:
We bespreken verschillende stellingen over ons zelfbeeld. Welke kwaliteiten passen bij jou en hoe zien de andere in jouw omgeving dat. We spelen het kwaliteitenspel om hierachter te komen.
Op deze manier kun je anders naar je eigen zelfbeeld kijken. We bespreken het in het team en we bespreken hoe we elkaar zien en we onderbouwen onze meningen.
We reflecteren onze manier van kijken en we evalueren de lessenreeks. Wat hebben we geleerd? Wat is ons bijgebleven? Wat nemen we mee?
Klassikaal, zelfstandig en samen.
Benodigdheden:
- tekenpapier
- potloden, een gum en stiften
- laptops
- Het digibord
- De werkbladeren
- Het kwaliteitenspel

Literatuur
-
De Schepper, J. (2022). Levensbeschouwing ontwikkelen: didactiek voor levensbeschouwing in het primair onderwijs.
-
Kopmels, T. (2020). Verhalen vertellen en vragen stellen: Vakdidactiek Levensbeschouwing & Geestelijke stromingen. Noordhoff.
-
SLO. (2006). Kerndoelen. Geraadpleegd op 5 maart 2023, van https://www.slo.nl/sectoren/po/kerndoelen/
Maak jouw eigen website met JouwWeb